In een zeer druk bezocht Humanistisch Café ging John Brobbel in op de vraag: In hoeverre bepalen we zelf ons leven?
Allereerst relateerde hij levenskunst aan Bert Boelaars, die de humanistische levensbeschouwing beschrijft waarin de kwaliteit van het eigen leven centraal staat. "Hoe vertaal je de esthetische en de morele dimensie van het humanisme naar de praktijk?", vraagt hij zich af.
Volgens Bas van der Zijde heeft levenskunst te maken met de vragen: Hoe maak ik iets moois van mijn leven? Waardoor word ik geïnspireerd en hoe maak ik mijn keuzes?
John gaat uitvoerig in op het feit dat we vroeger georganiseerde collectieve waarden- en normenpatronen hadden. Nu moeten we, als bevrijd individu, leven met veranderlijkheid, verscheidenheid en onzekerheid. Terug naar de vaak schijnveiligheden van vroeger kan niet meer.
John haalt Foucault aan die zegt: "Kunst is iets geworden dat met voorwerpen te maken heeft. Waarom zou niet iedereen een kunstwerk van zijn leven kunnen maken?"
"Dreigt dan niet het gevaar van egoïsme?", vraagt John zich af.
Om aan te geven, dat levenskunst een sleutel kan zijn om het samenleven te bevorderen, haalt hij Eugen Rosenstock Huessey aan.
Deze zegt: We leven op een ruimte-as en een tijds-as. Onze samenleving heeft teveel oog voor de ruimte-as: Organisatie en structuur. We zijn de tijdslijn kwijt geraakt: De geschiedenis, het verhaal, de generaties. Obama doet volgens John een serieuze poging om de tijdslijn weer in de aandacht te krijgen.
Leren in tijd te denken i.p.v. in ruimte. Levenskunst is geen object, maar een levenshouding. Een zoektocht. Waar kom je vandaan, waar ga je heen.Dat kan je delen met anderen. Het is het leren houden van jezelf. Hoe beter je dat ontwikkelt, hoe dieper je eigen beleving, ervaring serieus neem, hoe beter je de ander serieus neemt. Levenskunst kan zo een sleutel zijn om het samen leven te bevorderen.
Er werd nog geruime tijd met elkaar over levenskunst doorgepraat.