Velen van ons zullen graag de regie in handen willen houden als het gaat om het levenseinde. Welke keuzes kun je maken, welke rechten en plichten zijn er voor de patiënt en arts? Zeker als je te horen krijgt dat een ziekte op korte of langere termijn waarschijnlijk een einde aan het leven maakt. Maar ook kunnen er onverwachte situaties zich voordoen die beslissingen van uzelf of van naasten vragen. U kunt invloed uitoefenen op de manier waarop u zult overlijden. Daarvoor moeten keuzes gemaakt worden, keuzes die intensief met de arts besproken moeten worden en waarvan het nuttig is dat ook uw naasten weten wat u zou willen dat er gebeurt.
En wie beslist over de te volgen weg als u het niet met de behandelend arts eens kunt worden? Heeft u recht op euthanasie, wat betekent palliatieve sedatie, mag u een behandeling weigeren, is stoppen met eten en drinken een begaanbare weg, welke waarde heeft een niet-reanimeren verklaring, hoe gaat u te werk met het aanstellen van een gevolmachtigde. Bestaat er een pil waarmee (oude) mensen een eind aan hun leven kunnen maken ? En hoe verloopt de maatschappelijke discussie hierover ?

De plaats van euthanasie en hulp bij zelfdoding bij de zorg aan ongeneeslijke zieke patiënten is de laatste jaren in Nederland uitgebreid onderzocht. Onder medici, juristen en politici heeft een diepgaande discussie plaatsgevonden. Dit heeft er toe geleid dat de mogelijkheid voor een arts om in Nederland euthanasie uit te voeren is vastgelegd in de sinds 1 april 2002 geldende Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Euthanasiewet). In deze wet zijn de criteria en voorwaarden vastgelegd waaraan de arts moet voldoen.
Het doel van deze wetsartikelen is om duidelijkheid te geven over de criteria, waaraan de uitvoering van euthanasie en hulp bij zelfdoding wordt getoetst, en om een leidraad te zijn voor een zorgvuldige procedurele en farmacologische werkwijze. Er wordt hierbij bewust voorbijgegaan aan de ethische discussie over de plaats van euthanasie in de palliatieve zorg.